Programma

Te bezoeken

Koloniale Tuin

© Alfred de Ville de Goyet

In 1905 kocht koning Leopold II een terrein van 3 ha dat hij bij zijn domein inlijfde om er een tropische tuin aan te leggen. Hij wilde er serres bouwen voor de verzameling tropische planten van de plantenkundige Émile Laurent. Deze hoogleraar aan het Institut agronomique van Gembloux had de planten meegebracht uit Congo en in een warme serre geplant in Gembloux voordat hij ze in 1897 naar Tervuren bracht voor de koloniale tentoonstelling. Hij werkte voor de nv Horticulture coloniale die ermee belast was om in Congo alle planten te verzamelen die interessant waren op het vlak van productie en als sierplant. Enkele van hen waren te zien op de Internationale Tentoonstelling van Parijs in 1900. Zo ontstond het idee om in Laken een koloniale tuin aan te leggen. Aanvankelijk werd de collectie bewaard in de serres van Stuyvenberg en in de serres die rond 1902 werden gebouwd in de tuinen van de villa Van der Borght. Het gebrek aan verwarming tijdens de Eerste Wereldoorlog bracht de planten in de serres van de Koloniale Tuin echter grote schade toe. Het duurde tot 1951 voor de overlevende soorten werden overgebracht naar de Koloniale Tuin in Meise. Begin jaren 1960 werden de serres afgebroken en werd het park definitief opengesteld voor het publiek. De Normandische villa in vakwerkbouw werd door architect Haneau ontworpen voor Leopold II. (Bewaarlijst – 11/06/1998)

Praktische informatie

Jean Sobieskilaan Ebbenbomenlaan – Brussel-Laken